Stichting Proveniershuis

De Proeve, zoals deze in de Edamse volksmond wordt genoemd. Het woord Proeve stamt af van het Franse woord Preuve, wat gift betekent.
Als we over het Proeveniershuis in Edam spreken, gaan we terug in de tijd, tot het midden van de 16e eeuw. Het toen nog bestaande Begijnhof raakte zo goed als onbewoond en zou worden gesloten. Een van de laatste Begijnen was Anna, de dochter van bierbrouwer Jan Claes zn. Brouwer. Deze stichtte samen met enkelen vrienden het Proveniershuis. In latere jaren heeft het gemeentebestuur de gracht waaraan het hofje ligt, naar deze oprichter vernoemd.

Uit oude geschriften tijdens het onderzoek van het door de Stichting uitgegeven boekje PREUVE en PROVENIERSHUIS EDAM is gebleken, dat de vrienden meer hebben geofferd voor de bouw van het huis dan Jan Claes zn. Brouwer. Uit verpondingsbrieven in het gemeentelijke archief is gebleken, dat er voor 1548 al spraken zou zijn van een Proveniershuis. Doordat het huidige Provenierhuis in 1555 werd gebouwd, kon dochter Anna op deze voor haar geliefde plaats blijven wonen.

Doel van de Stichting
Het doel van de Stichting, vastgelegd in een reglement, was en is om mensen van boven de 50 jaar een zo goedkoop mogelijke huisvesting te verschaffen, met bovendien enige preuves. Deze bestonden uit brood, boter, turf, bier en water uit de regenbak. (Nu nog 1x per jaar met Kerstmis.) Bij langdurige droogte gaf dit laatste vaak problemen en werd een ieder op rantsoen gezet. Dit werd dan met een aanplak bij de W.C. bekend gemaakt. Ook kregen de proveniers giften in de vorm van enig zakgeld.
In de loop der tijden werd een inkoopbedrag ingesteld van fl. 60,00 per persoon. Het inkoopbedrag is tot de invoering van de algemene bijstandswet (1965) van kracht gebleven.
Alle eigendommen, ook buiten de Stichting, moesten worden afgestaan aan het huis. Alleen van de rente van het geld dat men bezat mocht men leven. Het kapitaal moest onaangeroerd blijven.

Door de Regenten werd hierop streng toezicht gehouden en werden boekingen over gedaan. Het is wel gebeurd dat familie bij overlijden enig linnengoed had meegenomen naar Buiksloot en dat de veldwachter er op afgestuurd werd om dit terug te halen. Zo ook bij een provenier, welke in Warder overleed. Er werd aan een tweetal bewoners gevraagd om met de handkar het lijk op te halen. Deze kregen daar dan een vergoeding voor in vorm van extra turf, een biertje of enkele dubbeltjes. Zo konden de Regenten dan een goedkopere begrafenis regelen.
Regenten verzamelden de inboedels van de overledenen en bij voldoende aanbod werd een boeldag gehouden. De opbrengst was bestemd voor de Stichting. Wie zich niet strikt aan het reglement hield, moest in de Regentenkamer komen bij de heren Regenten en werd streng onderhanden genomen. Soms werd gedreigd met huisuitzetting. Andere straffen waren vermindering van preuves.

De Regenten beslisten
De Regenten zochten bij overlijden een andere man of vrouw uit om de woning te delen. Indien men niet getrouwd was moest men de woning delen met een ander mans- of vrouwspersoon. Mannen bij mannen, vrouwen bij vrouwen, zoals het hoorde.

De laatste Provenier
De laatste Provenier die werd uitgekocht was Cornelis Groot in 1969.

Het gebouw
In de 17e eeuw is er veel vernieuwd. De oorspronkelijke woningen waren bedekt met riet. De ramen zijn vergroot zoals ze nu nog te zien zijn. Dat de regenten indertijd belangrijk waren, getuigen de deur en ramen van de regentenkamer, welke groter zijn dan die van de andere woningen. Ook is de verhoogde vloer van de regentenkamer een stille getuige van belangrijkheid.
Van de oorspronkelijke bouw zijn op dit moment de meest noordelijke gevel en de dakspanten nog aanwezig. De spanten zijn tijdens de bouw uitgezocht uit boomtakken welke een geschikte vorm hadden en tot de huidige vorm bewerkt. De montage-merktekens kan men nu nog terugvinden.
In 1890 werd er een regenwaterbak bijgebouwd, welke 34.000 liter kan herbergen om problemen van de watervoorziening bij langdurige droogte op te lossen. De eerste waterleidingkraan werd in 1948 aan de buitenzijde van het huis gemaakt, maar deze werd snel verplaatst naar binnen i.v.m. bevriezing.
Tijdens de restauratie van 1985 kwamen oude kaarsen nissen te voorschijn. Deze nissen zijn in woning 39 (zie foto) in oorspronkelijke staat teruggebracht met de schouw welke er ook heeft gezeten. Alle woningen waren indertijd voorzien van bedsteden. In de woningen 38 en 44 zijn deze wederom aangebracht.

De toiletten
In het groene schuurtje aan de gracht waren twee w.c.’s ondergebracht (deze werden ook wel secreet genoemd). De toiletten waren voorzien van het beroemde vaatje of emmertje wat door de Gemeente werd opgehaald. Zij hebben tot 1950 dienst gedaan. Bij de restauratie in 1985 heeft elk huisje zijn eigen toilet- en douchegelegenheid gekregen.

De Regenten
Sinds de oprichting in 1555 wordt het Proveniershuis Edam geleid door een drietal Regenten. Op de Regentenborden vindt men de namen van de personen welke deze functie hebben bekleed. Tijdens de Franse overheersing in 1813 komt men één naam tegen, n.l. die van de heer D. Slot. Deze bestuurde het Proveniershuis toen alleen en betaalde de preuves uit eigen zak. Voor een nieuwe regent werd door de overige regenten een voordracht gemaakt en ter goedkeuring gestuurd aan de Schout en Schepenen van de stad. Ook de boeken werden ter goedkeuring gericht aan het stadsbestuur.

Schilder Rembrandt van Rijn, Geertje Dircx en het Proveniershuis Edam
Geertje Dircx was afkomstig uit Edam. Na de ziekte en het overlijden van Saskia van Uylenburgh is zij de huishoudster (vrouw) van Rembrandt geworden en werd zij tevens de min (voedster) van Titus (zoon van Rembrandt). Dat Geertje Dircx een goede betrekking tot Rembrandt had, bewijst het volgende. In 1642 ondertekenden Floris Stevens, schepen van de stad Edam en Pieter Cornelisz. Hoots, Proevevader (Regent) van het Proveniershuis Edam, een borgstelling van fl. 1200,–. Deze som geld zou worden uitgekeerd indien Rembrandt van Rijn er voor kon zorgen dat een zekere Cornelis Jansz. vrij gekocht kon worden van de Barbarijnse zeerovers, van wie hij een gevangenen was. Er wordt verondersteld dat Cornelis Jansz. een naast familielid was van Geertje Dircx.

Stichting Proveniershuis gesticht in 1555
J.Cl. zn. Brouwersgracht 29 t/m 44
1135 WK Edam

Secretariaat:
Paltrokmolen 44
1135 KM EDAM
tel: 0299-369234
E-mail: proveniershuis.edam@outlook.com